Deze website is onderdeel van de postertentoonstelling Feest! Hoe elf landen hun vrijheid en onafhankelijkheid herdenken en vieren. (Zie verderop voro bestellen postertentoonstelling).
FEEST! is met name bestemd voor groep 7 en 8 van het BO en de eerste klas van het VO. Maar ook met andere leerlingen kan aan het thema worden gewerkt.
Klik voor de docentenhandleiding bij de postertetnoonstelling: HANDLEIDING.
Opdrachten postertentoonstelling
Voor de opdrachten in Word die bij de postertentoonstelling kunnen worden gebruikt
KLIK: opdrachten postertentoonstelling. Deze opdracht heeft maar een paar illustraties.
Voor de opdracht in PDF met veel illustraties
klik: opdrachten PDF.
LET OP: dit zijn dus andere opdrachten dan de vragen die bij de deze website horen (onder kopje VRAGEN dat u bij elk land vindt).
Achtergrond
4 en 5 mei zijn belangrijke dagen: Nederland herdenkt de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog en viert de bevrijding. De tentoonstelling FEEST! legt dat op een aantrekkelijke manier uit aan de leerlingen. Doordat daarnaast de feesten van tien andere landen aan bod komen, vinden leerlingen met een niet-Nederlandse achtergrond herkenningspunten. Op die manier wordt de interesse gestimuleerd en het belang van dit soort feesten duidelijk. FEEST! draagt bij aan het respect voor 4 en 5 mei en geeft inzicht in het belang van vrijheid, onafhankelijkheid en democratie wereldwijd.
Elf landen
In de tentoonstelling en op de website komen de volgende landen aan bod:
1. Cuba: 26 juli Herdenking aanval Moncada-kazerne, Begin van de Revolutie (1953)
2. Ghana: 6 maart Onafhankelijkheidsdag (1957)
3. Hongarije: 15 maart Onafhankelijkheidsdag (1848/1991)
4. Indonesië: 17 augustus Uitroeping republiek (1945), en de Molukken: 25 april Uitroeping Vrije Republiek der Zuid-Molukken (1950)
5. Marokko: 18 november Onafhankelijkheidsdag (1956)
6. Nederland: 5 mei Bevrijdingsdag (1945)
7. Peru: 28 juli Onafhankelijkheidsdag (1821)
8. Portugal: 25 april Dag van de revolutie (1974)
9. Suriname: 25 november Onafhankelijkheidsdag (1975) en 1 juli Dag der vrijheden (afschaffing slavernij 1863)
10. Turkije: 23 april Nationale onafhankelijkheid/het Kinderfeest (1920)
11. Verenigde Staten: 4 juli Onafhankelijkheidsdag (1776)
Postertentoonstelling
12 posters (A1 formaaat) voor maar 5 euro: één introductieposter en een poster per land. De 12 posters zijn geschikt om te tonen op een centrale plek in een school (gang, aula) of in de klas. De posters zijn ook los van elkaar bruikbaar. Hierdoor kan de tentoonstelling eenvoudig worden aangepast aan de culturele samenstelling van de leerlingen of de beschikbare ruimte. De posters kunnen worden opgehangen voorafgaand aan 4 en 5 mei of rondom de data van andere feestdagen.
Online te bestellen op www.art.nl.
DVD
Dvd van ca.25 minuten waarin Nederlandse kinderen met wortels in Indonesië (Molukken), Marokko, Suriname en Turkije iets vertellen over hun FEEST!.
10,- euro.
Ook bestellen via LBR
ENKELE LESSUGGESTIES
Lesorganisatie
Af en toe worden er suggesties gedaan over de organisatie bij de lessuggesties. Vaak is het mogelijk ze uit te laten voeren door individuen, tweetallen en/of groepjes. Uiteraard zijn van de suggesties eigen varianten te bedenken.
Veel suggesties en werkvormen zijn geschikt om een bezoek aan de tentoonstelling voor te bereiden maar ook na afloop, als verwerking bruikbaar. Er staan vragen/opdrachten op de site die ook als toets kunnen dienen.
Vragen beantwoorden en landen presenteren
U kunt de site gebruiken ter voorbereiding of nabespreking van een bezoek aan FEEST!; zowel in het museum als bij de reizende of postervariant.
Op de website staan 11 landen verstopt achter een aardig plaatje. Het twaalfde plaatje FEEST! geeft een inleiding op het onderwerp: waar gaat het over, wat is onafhankelijkheid, een kolonie, een nationale feestdag. Er is een quiz en er zijn enkele spelletjes en e-cards.
Bij elk land staan een aantal vragen waarvan de antwoorden op de site zijn te vinden. U kunt deze vragen gebruiken of van de site afhalen en aanpassen. De vragen en antwoorden kunnen de leerlingen in hun schrift schrijven. Als het in tweetallen of kleine groepjes wordt gemaakt kunnen de verschillende groepjes hun land presenteren aan de rest van de groep. Gebruik bij de presentaties de icoontjes van de landen.
Klassengesprek
Waarom vieren we feesten? Welke (soorten) feesten zijn er? Afhankelijk van de leeftijd kan daar dieper op in worden gegaan. Denk aan het onderscheid tussen persoonlijke/familie feesten en plaatselijke, regionale of nationale feesten. En tussen religieus en niet-religieus. Aspecten zijn: waar, waarom, wanneer, door wie wordt het eest gevierd.
Categorieën: de feesten kunnen gegroepeerd. Tip: u zet van elk 'soort' feest een voorbeeld op het bord en vraag de leerlingen het aan te vullen met soortgelijke feesten. U kunt ook aangeven of het feest (ook) in Nederland wordt gevierd of in een andere land/andere landen.
Voorbeelden van feesten die op het bord kunnen verschijnen.
Huwelijksfeest
Carnaval
Sint Maarten
Hemelvaartdag
Schoolfeest
Koninginnedag
Kerstfeest
Nieuwjaarsfeest
Slaapfeestje
Suikerfeest
Verjaardagsfeest
Moederdag
Poerim
Kwakoe
Gouden bruiloftsfeest
Sinterklaasfeest
Bevrijdingsdag
Examenfeest
Kampioensfeest
Gast in de klas
Misschien zijn er ouders van kinderen die zelf iets kunnen vertellen (en laten zien) over de geschiedenis van hun land en hun feest/herdenking. Wellicht zijn er (oudere) leerlingen op school die er iets over kunnen vertellen. Dit kan uiteraard ook over landen buiten FEEST! gaan.
Laat de leerlingen ter voorbereiding een aantal vragen opstellen voor de gast en een kadootje maken/kopen.
Raden maar
Geef de leerlingen feesten (bijvoorbeeld uit bovenstaande rij) met de opdracht het feest in woorden te omschrijven zonder dat de naam van het feest wordt gebruikt of het meteen duidelijk is. De rest van de klas moet raden om welk feest het gaat.
Dit kan ook door de klas vragen te laten stellen die alleen met 'ja' of 'nee' beantwoord mogen worden. Dan zullen vanzelf een aantal belangrijke aspecten duidelijk worden. Bijvoorbeeld: vieren we het elk jaar, vier je het met je familie, hebben we die dag vrij, heeft het met geloof te maken?
Posters maken
De kop zegt voldoende: door de leerlingen posters te laten maken kunnen ze heel goed laten zien wat ze van een feest vinden, wat belangrijke aspecten zijn, welke sfeer erbij hoort. Het kan een leuke tentoonstelling in de gang opleveren.
Variant: tekeningen.
Werkstukken
Laat leerlingen werkstukken maken in het DC.
Opstel
Een fantasieverhaal over een bestaand of bedacht feest.
Kwis/Quiz
Op onafhankelijkheidsdag in Ghana (zie daar) is er een belangrijke wedstrijd voor de kinderen: een quiz. Wie die wint mag naar de burgemeester, de president of zelfs de koning. U kunt de kinderen een eigen kwis laten maken en doen. Zo kan per land een kwis worden gemaakt of per land een vraag zodat er een FEEST-kwis ontstaat. Erg geschikt om in groepjes vragen en anwtoorden te maken.
ONDER- EN MIDDENBOUW
Een deel van bovenstaande suggesties zijn ook geschikt voor jongere kinderen. Als er posters van de tentoonstelling FEEST! zichtbaar voor alle leerlingen. op school hangen dan is het zinvol om op eenvoudige wijze daar ook met jonge leerlingen iets aan te doen.
Bijvoorbeeld: kringgesprek en verhaaltjes voorlezen, tekening maken, liedjes zingen, feestkleding meenemen, versiering maken et cetera.