![]() |
- joodse mannen, vrouwen en kinderen
- mensen uit het verzet
- Engelse, Russische en Amerikaanse soldaten
Deze onderduikers werden geholpen door 'opa Bakker' en zijn vrouw 'tante Cor'. Ze woonden in kleine houten hutjes, tenten en barakken. Boeren uit de omgeving gaven voedsel.
De kinderen moesten altijd zachtjes praten en rustig lopen. Ze mochten niet buiten het terrein komen. Ze kregen les van studenten, deden rekstokoefeningen, ze zochten paddestoelen, en speelden met de houten vogel.