• Museum
  • Tweede Wereldoorlog
  • Kinderen
kinderen

Bezet gebied, winter 1944-1945

(A) Algemene omstandigheden Hongerwinter
De winter van 1944-1945 wordt de Hongerwinter genoemd. In de steden van Noord- en Zuid-Holland heerste regelrechte hongersnood; ruim 20.000 Nederlanders stierven als gevolg van de schaarste.

Het voedselgebrek was niet het enige schaarste-probleem. De levering van kolen, gas en elektriciteit aan de burgers werd stopgezet. Steenkolen werden alleen nog mondjesmaat uit Duitsland aangevoerd. De Limburgse kolenmijnen waren onbereikbaar, die lagen in het bevrijde Zuiden.

Steenkolen dienden als brandstof voor de kachels, voor de productie van gas, voor het gaande houden van elektriciteitscentrales en poldergemalen; als de poldergemalen stilstaan loopt een groot deel van Nederland onder water.

(B) Het verzet
Sabotage-acties en gewapende acties gingen door, evenals de illegale pers en de hulp aan onderduikers. De schaarste maakte de verzorging van onderduikers een stuk lastiger. Daar stond tegenover dat die verzorging strakker was georganiseerd dan voorheen.

(C) Hongerwinter, Amsterdam
Amsterdam werd zwaar door de schaarste getroffen. Voor 440.000 Amsterdammers (meer dan de helft van de bevolking) werd een noodvoorziening getroffen: zij konden voor porties warm eten naar de Centrale Gaarkeukens.

Maar ook bij de gaarkeukens werd het eten steeds minder. Vlees werd bijna niet meer gedistribueerd. Melk (taptemelk) was alleen beschikbaar voor kleine kinderen. Groente was of erg duur of helemaal niet te koop.

Hongertochten
Veel stedelingen gingen de polder in, om door een ruilhandeltje met de boeren aan voedsel te komen. Vooral vrouwen, kinderen en oudere mannen gingen op 'hongertocht', op een wrakke fiets of lopend met een kinderwagen. Mannen beneden de vijftig jaar bleven voorzichtig; ze konden nog altijd worden opgepakt voor de arbeidsinzet.

Verzet en illegale pers
Wat het verzet betreft: bij alle schaarste moest de verzorging van onderduikers doorgaan. Van belang hierbij was de samenwerking tussen de Amsterdamse verzorgingsgroepen en andere verzetsgroepen. Het samenwerkingsverband tussen de verzorgingsgroepen heette de VGA, de Vrije Groepen Amsterdam.

De illegale pers was in deze laatste periode extra actief, ondanks de beroerde omstandigheden. Ook sabotage-acties, aanslagen en overvallen gingen door. Deze verzetsdaden werden keer op keer gevolgd door vergeldingsacties.


Trefwoorden: hongerwinter - Amsterdam - schaarste