• Museum
  • Tweede Wereldoorlog
  • Kinderen
museum

De Plantagebuurt

De omgeving van Gebouw Plancius is nauw verbonden met de geschiedenis van de bezetting en het verzet. Grenzend aan de oude ‘Jodenhoek’ werd de Plantagebuurt een van de nieuwe buurten waar vanaf ongeveer 1900 veel Amsterdamse joden gingen wonen. In februari 1941 werd de Jodenhoek op last van de bezetter met borden gemarkeerd als ‘Juden Viertel, Joodsche wijk’. Duitse autoriteiten overwogen er een getto van maken. De niet-joodse bevolking (ca. 46%) zou dan moeten verhuizen. Dit plan werd niet uitgevoerd, maar de Duitsers hadden ook geen getto nodig. Door een reeks maatregelen werden de joden geleidelijk afgezonderd van de rest van de bevolking.

Routekaart Plantagebuurt

De routebeschrijving voor een wandeling door de Plantagebuurt kunt u hier downloaden als word-document of als pdf.

Gebouw Plancius
Nummer 1: Gebouw Plancius

1876
Joodse zangvereniging "Oefening Baart Kunst".
1894Vergaderadres opkomende socialisme.
1915Garage voor taxi's ARM
1944-1945Voertuigstalling Duitse bezetter.
1970Stalling ongevallendienst verkeerspolitie.
1993Kraakpand
1 mei 1999Verzetsmuseum open.

Gebouw Plancius is een opvallend pand in neoclassicistische stijl. In 2000 is het op de monumentenlijst geplaatst. Plancius is gebouwd als sociëteitsgebouw van de joodse zangvereniging ‘Oefening Baart Kunst’ in 1875/76, de jaren van de emancipatie van het joodse proletariaat. Het pand verrees in de oude, parkachtige ‘Plantage’, die in die tijd werd bebouwd met woningen voor de ‘betere klasse’.

Op het bouwterrein had eerder een buitenhuis gestaan met de naam ‘Plancius’, genoemd naar de rond 1600 levende predikant en zeevaartkundige Petrus Plancius. Die oude naam werd overgedragen op het nieuwe gebouw. De zalen van Plancius werden niet alleen gebruikt voor muziek. Er waren ook feesten en partijen, synagogediensten en politieke bijeenkomsten, vooral van de socialistische beweging, waarin joodse arbeiders een voortrekkersrol vervulden. Koffiehuishouder L. G. Breijman was mede-exploitant van het gebouw.

In 1913 veranderde Gebouw Plancius van eigenaar en werd het een garage voor taxi’s. Er werd een grote hal aan de achterkant gebouwd - de tegenwoordige vaste expositieruimte. Tijdens de Tweede Wereldoorlog ging het taxibedrijf door het benzinegebrek weer paarden en wagens gebruiken. Aan het eind van de oorlog stalde de Duitse bezetter er een aantal voertuigen. Plancius bleef tot in de jaren negentig een garage, uiteindelijk van de Amsterdamse verkeerspolitie. De leegstaande en vervallen bovenverdiepingen werden toen tijdelijk gebruikt door een aantal dans- en mimegezelschappen. Er was al jaren gezocht naar een nieuwe bestemming toen het Verzetsmuseum een deel van het pand kocht. De bovenverdiepingen kwamen in particulier bezit en werden verbouwd tot appartementen.

Ingang Artis
Nummer 2: Artis
Schuin tegenover het Verzetsmuseum ligt de hoofdingang van dierenpark Artis. Artis is gedurende de hele oorlog voor het publiek geopend gebleven.

In september 1941 werd het voor joden verboden om Artis of welke 'openbare inrichting' dan ook te bezoeken. Joodse leden van Artis ontvingen een bericht van uitschrijving. Tijdens de hongerwinter worstelde ook Artis met gebrek aan voedsel en brandstof.

Het bevolkingsregister
Nummer 3: Het bevolkingsregister
(schuin tegenover Gebouw Plancius)
Het gebouw is nu een café en televisiestudio. Het is nog goed te zien dat het oorspronkelijke dak ontbreekt. Voor de joodse Nederlanders was het moeilijk om onder te duiken. De Nederlanders hadden geen ervaring met een oorlogssituatie; het verzet kwam maar langzaam van de grond. De uitstekende bevolkingsregistratie maakte onderduiken extra moeilijk.

Herinneringsplaquette aanslag bevolkingsregister
Aanslag bevolkingsregister
'Op [zaterdag] 27.3.43, omstreeks 22.15 uur, hebben ongeveer tien in het uniform van de Nederlandse politie gestoken mannen de bewakers van het bevolkingsregister overmeesterd, geboeid en - na toediening van injecties - naar de tuin gesleept. Even later waren vijf explosies te horen en begon het gebouw te branden. Van de daders ontbreekt ieder spoor'.
(Rapport Amsterdamse politie.)

Een herinneringsplaquette naast de deur herinnert aan de aanslag.

Sla nummer 4 over voor de korte route.

Monument voor het kunstenaarsverzet

Nummer 4: Monument voor het kunstenaarsverzet
Aan het plantsoen aan de Plantage Middenlaan staat dit bronzen monument, in 1973 gemaakt door beeldhouwer Carel Kneulman (ook van Amsterdamse Lieverdje). Het stelt een liggende figuur voor, de vuist geheven.

Beeldhouwer Gerrit van der Veen leidde vervalsingsgroep (pb's) en nam deel aan de aanslag op het bevolkingsregister (zie boven). Het monument verwijst naar zijn dood voor het vuurpeloton, op 10 juni 1944.

Hollandsche Schouwburg
Nummer 5: Hollandsche Schouwburg
Aan de Plantage Middenlaan werd de Hollandsche Schouwburgin oktober 1941 omgedoopt tot Joodsche Schouwburg, ‘uitsluitend toegankelijk voor joods publiek’. In september 1942 werd die Schouwburg een doorgangshuis waar de joden voor deportatie werden verzameld. De jonge kinderen werden ondergebracht in een crèche aan de overkant. Ongeveer 600 kinderen zijn door het verzet uit die crèche weggesmokkeld naar onderduikadressen in Friesland en Limburg.

De schouwburg is nu een gedenkplaats met o.m. een namenwand met alle 6.700 familienamen van de uit Nederland gedeporteerde en vermoorde joden.

De Hollandsche Schouwburg is dagelijks geopend van 11.00-16.00 uur. Zie ook: Hollandsche Schouwburg.

de IVKO-school
Nummer 6: de IVKO-school
De IVKO-school aan de Plantage Middenlaan, tegenover de Hollandsche (Joodsche) Schouwburg was vroeger een Hervormde Kweekschool voor onderwijzers. Rechts van die kweekschool bevond zich een crèche. Daar werden in 1942-1943 de kinderen ondergebracht van de ouders die in de Hollandsche Schouwburg gevangen zaten. Uit de crèche werden via de kweekschool honderden kinderen in veiligheid gebracht.

Een plaquette op de gevel van de kweekschool herinnert nog aan deze gebeurtenis.

Het opschrift luidt: 'Aan allen die hebben geholpen joodse kinderen voor deportatie te behoeden'.

Sla nummer 7 over voor de korte route.

De Dokwerker
Nummer 7: de Dokwerker
Op het Mr. Visserplein naast de Portugees Israelietische Synagoge en tegenover het Waterlooplein, staat het bekende monument voor de Februaristaking, de Dokwerker.

Tekst op het monument de Dokwerker

Nummer 8: Wertheimpark
Het Wertheimparkwerd aangelegd ter ere van de joodse bankier en weldoener A. C. Wertheim (1832-1897).

Monument 'NOOIT MEER AUSCHWITZ' van Jan Wolkers
In dit fraaie stadspark bevindt zich het monument 'NOOIT MEER AUSCHWITZ', gemaakt door Jan Wolkers, in opdracht van het Nederlands Auschwitz Comité.

Pelikaan Portugees Israelietisch Ziekenhuis

Nummer 9: Portugees Israelietisch Ziekenhuis
Het voormalig Portugees Israelietisch Ziekenhuis,ofwel het PIZ (spreek uit Pizz), aan de statige Henri Polaklaan, is een van de adressen waar in 1943 joodse mannen uit gemengde huwelijken zijn gesteriliseerd. Ze zouden dan niet worden gedeporteerd.

Aan de gevel bevindt zich nog een pelikaan met drie jongen: het symbool van de Portugees-joodse gemeente.