'We kregen eind 1940 een opdracht van de Kriegsmarine. Omdat de regering geen duidelijke instructies had gegeven, besloten we om het belang van de bedrijfsvoortzetting voorop te plaatsen.'
'We deden als arbeiders wel langzaam aan. Maar dat mocht niet opvallen. De directie dreigde dat we in geval van sabotage voor de arbeidsinzet naar Duitsland zouden worden gestuurd.'
'Ik had er geen moeite mee om voor de Duitsers te werken. Ik moest toch eten.'
Geen opdrachten met militair doel
Vanaf mei 1940 is handel over zee onmogelijk. Het Nederlandse bedrijfsleven wordt afhankelijk van Duitse handelscontacten. De Nederlandse regering had instructies achtergelaten om Duitse opdrachten met een militair doel te weigeren.
Maar wanneer is daar sprake van? De meeste ondernemers nemen het niet zo nauw. Men moet toch de arbeiders aan het werk houden en voorkomen dat de bedrijfsleiding in Duitse handen komt. In 1941 is ruim een kwart, later vrijwel de gehele industriële productie voor Duitsland bestemt. De productie neemt bovendien gestaag af doordat de Duitsers grondstoffen in beslag nemen.
Metaal voor wapens
Voor hun wapenindustrie zijn vooral veel metalen nodig. Kerkklokken worden gevorderd; muntgeld wordt vervangen door papiergeld en de bevolking moet metalen gebruiksvoorwerpen inleveren. Sieraden, bonbonschalen, ketels; alles komt in aanmerking. Maar bijna niemand levert iets in.