Presentatie of spreekbeurt


De eerste twee dingen die je moet doen zijn hetzelfde als bij het werkstuk: kies een niet te groot onderwerp en verzamel informatie. Dan bepaal je de inhoud, maak je de presentatie en ga je oefenen.

* Eerst uitschrijven
Schrijf op wat je in je wilt vertellen. Je kunt de hele tekst uitschrijven, maar dan moet je oppassen dat het geen voorleesbeurt wordt.
Je kunt ook alleen de belangrijkste woorden en begrippen opschrijven. Die zijn het geheugensteuntje tijdens je spreekbeurt. 

Bij een presentatie met bijvoorbeeld powerpoint moet je alleen de belangrijkste begrippen tonen. Laat nooit een scherm vol tekst zien! Een powerpoint-presentatie is heel geschikt om afbeeldingen te laten zien die je verhaal ondersteunen. Bijvoorbeeld een plattegrond, een bijzonder voorwerp, historische foto of kort filmpje et cetera.


* Oefenen
Om te oefenen vertel je je verhaal hardop aan jezelf. Je kunt dit voor een spiegel doen. Ook kun je je verhaal aan andere kinderen of je huisgenoten vertellen. Aan hun reactie kun je zien of je het goed doet of niet en kun je je verhaal aanpassen. Let op of je verhaal niet te lang of te kort duurt.

* Plaatjes of voorwerpen
Je presentatie of spreekbeurt wordt leuker als je plaatjes of voorwerpen kunt laten zien in de klas. Als je geen powerpoint gebruik dan hang je ze eventueel op of laat ze rond gaan. Leg goed uit waarom dat wat je laat zien belangrijk is voor je onderwerp. Soms is het ook leuk om te vertellen hoe je er aan bent gekomen.