Crisis in de jaren dertig

Crisis: ernstige verslechtering, inzinking. Met de crisis in de jaren dertig wordt bedoeld: de economische wereldcrisis die volgde op de 'crash' van de effectenbeurs van Wall Street in New York. Die beurskrach vond plaats op donderdag - Zwarte Donderdag - 25 oktober 1929. Het bedrijfsleven (banken, industrie, landbouw, handel) raakte in grote moeilijkheden.

Economische wereldcrisis
De crisis trof niet alleen Amerika; ze werkte in de hele wereld door, met vérgaande gevolgen. Miljoenen mensen werden werkloos. Hier en daar rees het verlangen naar een 'sterke man', die een uitweg uit de crisis moest bieden (zonder de massale werkloosheid in Duitsland was Hitler niet aan de macht gekomen). Ook Nederland werd zwaar door de crisis getroffen. Hier bleven de kiezers in grote meerderheid 'de bestaande orde' steunen.

Van 1929 tot 1933 regeerde in Nederland het kabinet van Ch.J.M. Ruys de Beerenbrouck (Ruys hoorde tot de RKSP, de Rooms-Katholieke Staatspartij). Volgens het kabinet-Ruys kon de overheid weinig anders doen dan bezuinigen en de crisis laten uitzieken. Wel werd er een 'Nationaal Crisis Comité' opgericht, dat de ergste nood van langdurig werklozen moest lenigen. Prinses Juliana was bij de installatie van dit Comité aanwezig.

Colijn
In 1933 werd H. Colijn (ARP) minister-president, hij zou dit tot 1939 blijven. De politiek van bezuinigen werd voortgezet. In de Amsterdamse Jordaan brak er na een verlaging van de steunuitkeringen een oproer uit (juli 1934). Het gezag greep hard in, en er vielen doden. Colijn stond voor orde en gezag, wat door veel kiezers werd gewaardeerd. Bij verkiezingen in 1937 bleken ook kiezers van buiten de gereformeerde 'zuil' op de ARP te hebben gestemd.

Kenmerkend voor Colijns vaderlijke stijl was zijn radiopraatje van 11 maart 1936, waarin hij zei: 'Ik verzoek de luisteraars ... even rustig te gaan slapen als zij ook andere nachten doen. Er is voorshands geen enkele reden om ongerust te zijn'. De aanleiding tot dit praatje was de opzegging, door Hitler, van het belangrijke internationale Verdrag van Locarno. Na die opzegging steeg de spanning in Europa onmiddellijk.

In Nederland bereikte de crisis in 1935 haar dieptepunt. Een half miljoen Nederlanders zaten toen zonder werk. Dagelijks stonden er lange rijen werkloze mannen bij de arbeidsbureaus en bij de stempellokalen. 'Stempelen' was verplicht. Bij verzuim stopte de Dienst Maatschappelijke Steun (sociale dienst) de uitkering. De uitkering bedroeg 15 gulden contant per week, voor een gezin met twee kinderen. Dat was ongeveer de helft van het weekloon van een geschoolde arbeider.

Werkverschaffing
Duizenden werklozen werden voor een maand of langer tewerkgesteld op een van de talrijke werkverschaffingsobjecten. Gewoonlijk ging het om grondwerk (ontginningen, bosarbeid), uitgevoerd onder leiding van de Nederlandse Heidemaatschappij.

Een bekend voorbeeld van werkverschaffing was het Amsterdamse 'Bosplan'. De werkverschaffingsarbeiders in het Bosplan groeven eerst met schep en kruiwagen de roeibaan of Bosbaan (1934-1937), daarna volgde - ook in werkverschaffing - de aanleg van het omringende Amsterdamse Bos. Voor dit soort projecten stelde de regering-Colijn subsidies beschikbaar.

Gave gulden
Over het geheel genomen was het economische beleid van de regering-Colijn zeer behoudend (over de vraag of het anders had gekund verschillen de economen nog altijd van mening). Colijn hield onwrikbaar vast aan de 'gave gulden' - een gulden met een vaste waarde ten opzichte van de nationale goudvoorraad.

Die dure gave gulden was nadelig voor de Nederlandse exportpositie: te dure producten. Pas in september 1936, toen alle andere landen de gouden standaard al hadden verlaten, ging ook Nederland tot devaluatie over (vermindering van de waarde van de nationale munt).

Vanzelfsprekend was er veel oppositie tegen de bezuinigingspolitiek van de regering. In 1935 presenteerden SDAP en NVV (voorgangers van PvdA en FNV) hun alternatief: het Plan van de Arbeid. Alleen de SDAP-aanhang liep er warm voor. De SDAP zou pas in 1939 voor het eerst in de regering komen, maar toen stond de oorlog voor de deur.

Dit museum grijpt je bij de keel! Zoveel goede informatie en echt materiaal wordt hier tentoongesteld! Een aanrader!!

Michele Philips, Aalst (België)

Wat een fantastische opzet van het kindergedeelte van het museum. Heel interactief en heel leerzaam. Ook voor de volwassenen. Ik ben blij ben dat ik met mijn zoon van 12 ben gegaan.

Jorg V

Het junior bezoek begint met de tijdmachine. Daarna leidt het boekje je door het leven van 4 kinderen. Je stapt letterlijk in bijv. een huiskamer en moet daar antwoorden op de vragen vinden. Heel boeiend voor kinderen. Een echte aanrader!

Hoekjes, Rotterdam

Als je aan je kinderen wil uitleggen wat oorlog nou eigenlijk is, als je met je ouders terug wil in een voor hun zo een belangrijke tijd, of je wil gewoon meer weten over de oorlog. Ga dan hier naar toe.

Jc H, Amsterdam

Een museum voor jong en oud en wat mij betreft verplicht voor iedereen. Je wordt door het museum geleid en het bijzondere zijn de verhalen van gewone mensen. Veel geleerd ondanks dat ik het nodige wel wist.

Martijn, Amsterdam

This museum across the street from the zoo and in the area where there was resistance activity is worth a visit. Anyone slightly interested in history will be captivated by the exhibits and personal notes and memorobilia.

Ashverse, South Carolina

One of the best museums I've been to in a long time. Seeing the dreadful acts of war through the eyes of the Dutch people. The displays were really well thought out and in different media forms. I highly recommend it.

Spamette, Yorkshire
Tripadvisor