Ordedienst (OD) en verzet door militairen

Kort na de nederlaag van mei 1940 waren er hier en daar al Nederlandse militairen die verzetsacties wilden uitvoeren, of die een 'geheim leger' wilden vormen om daarmee de bezetter te bestrijden. Uit militaire kring kwamen enkele vroege verzetsgroepen voort.

Die groepen verzamelden militaire inlichtingen, voerden sabotage-acties uit (dit kwam in die begintijd vooral neer op het doorknippen van Duitse telefoondraden), of probeerden wapens, munitie en springstoffen te bemachtigen.

Ordedienst
Een poging tot de oprichting van een geheim leger was het 'Legioen van Oud-Frontstrijders' (LOF), dat echter niet de omvang van een legioen bereikte. Het LOF ging in 1941 op in de illegale Ordedienst (OD), de belangrijkste ondergrondse organisatie met een militaire achtergrond.

Opmerkelijk aan die OD was dat men zich niet voorbereidde op verzet, maar meteen al op de bevrijding. Bij de OD ging men er (optimistisch) vanuit, dat Duitsland de oorlog binnen een jaar zou verliezen. Dan zou de OD klaar staan om in de chaotische overgang van de bezetting naar de bevrijding de orde te bewaren, en waar nodig de orde te herstellen.

Nederlandse krijgsgevangenen
De verslagen Nederlandse krijgsmacht (270.000 man) was in mei 1940 in zijn geheel door de Duitsers krijgsgevangen verklaard; 30.000 man werden naar Duitsland overgebracht. De overige militairen moesten in de kazerne blijven. Maar al in juni 1940 mocht iedereen weer naar huis, een gebaar van de bezetters om de Nederlanders gunstig te stemmen.

60.000 werkloze ex-soldaten werden vervolgens opgenomen in de 'Opbouwdienst', een organisatie die moest helpen bij het herstel van de oorlogsschade in Nederland (de Opbouwdienst werd later omgevormd tot de nationaal-socialistische Arbeidsdienst).

De meeste ex-militairen pakten hun gewone leven weer op. Bijna alle Nederlandse officieren hadden in juli 1940 met een 'erewoordverklaring' beloofd niets tegen Duitsland te zullen ondernemen. Menige officier die getekend had, sloot zich toch aan bij het verzet.

Spionage
Uit militaire kring kwamen groepen voort als de Oranjewacht (een Arnhemse sabotagegroep), de spionagegroep-Erkens en de spionagegroep van drs. Stijkel en tweede luitenant Gude (gewoonlijk de groep-Stijkel genoemd).

Stijkel en Gude hadden het plan om naar Engeland over te steken, hun informatie persoonlijk aan de Nederlandse regering in Londen te overhandigen, en vervolgens weer naar bezet Nederland terug te keren. Maar toen de twee in april 1941 met een vissersboot uit Scheveningen wilden vertrekken, werden ze gearresteerd.

Nic Erkens (1894-1942), een reserve-eerste luitenant, had na de meidagen een functie die hem toegang gaf tot Nederlandse militaire magazijnen. Hij nam daar wapens en explosieven weg voor het 'bevrijdingsbataljon' dat hij wilde opbouwen. Verder ging Erkens - schuilnaam Van der Maas - zich bezighouden met spionage, en organiseerde hij samen met twee Belgische groepen een ontsnappingslijn.

Doelen van OD
De OD was tot stand gekomen in augustus 1940, door een samengaan van militaire groepen. Bij de OD bereidde men zich alvast voor op de bevrijding, vooral het 'machtsvacuüm' dat dan zou ontstaan. Als het zover was zou de OD naar voren treden, om de verslagen bezetters te ontwapenen en eventuele 'revolutionaire woelingen' (pogingen van communisten om een staatsgreep te plegen) de kop in te drukken. Toen bleek dat de bevrijding nog ver weg was, gingen veel OD'ers alsnog verzetswerk doen (spionage, sabotage, gewapend verzet).

In zijn beginperiode werd de OD - later 'de eerste OD' genoemd - zwaar getroffen door arrestaties en doodvonnissen. Op 3 mei 1942 werden 71 OD'ers doodgeschoten (in het concentratiekamp Sachsenhausen), op 11 mei 1942 nog eens 24. Een andere tegenslag voor de OD was dat op 15 mei 1942 2.000 beroepsofficieren in krijgsgevangenschap werden weggevoerd naar Duitsland.

Toch wist de OD zich te herstellen. Deze nieuwe, beter beveiligde OD stond onder leiding van 'chef-staf' jonkheer P.J. Six. In 1943 vestigde Six zijn hoofdkwartier in de thans verdwenen Amsterdamse Koepelkerk naast de ingang van het Vondelpark bij het Leidseplein.

In 1947 werd in die kerk een plaquette geplaatst, ter ere van de dappere koster van de kerk, H.F. Westerveld. De plaquette zit nu in de gevel van het Marriott Hotel, dat op de plek van de Koepelkerk is verrezen. (Zie C.M. Schulten, "En verpletterd wordt het juk", uit 1995, en J.W.M. Schulten, 'De geschiedenis van de Ordedienst', uit 1998.)

Wij hadden er geen idee van dat er zoveel bewaard is gebleven. Bijzonder indrukwekkend. We hebben hier drie uur doorgebracht, maar zijn gestopt omdat we niets meer op konden nemen. Wij komen zeker terug om de rest te bekijken.

Jaap en Hilda Oskam, Nieuwegein

Dit museum grijpt je bij de keel! Zoveel goede informatie en echt materiaal wordt hier tentoongesteld! Een aanrader!!

Michele Philips, Aalst (België)

Wat een fantastische opzet van het kindergedeelte van het museum. Heel interactief en heel leerzaam. Ook voor de volwassenen. Ik ben blij ben dat ik met mijn zoon van 12 ben gegaan.

Jorg V

Al een paar keer in het Verzetsmuseum geweest, ze hebben regelmatig wisselende activiteiten. De kinderen in de oorlog expositie is heel goed opgezet en erg indrukwekkend. Een aanrader, ook om kinderen wat geschiedenis bij te brengen.

Laura, Hoorn

Als je aan je kinderen wil uitleggen wat oorlog nou eigenlijk is, als je met je ouders terug wil in een voor hun zo een belangrijke tijd, of je wil gewoon meer weten over de oorlog. Ga dan hier naar toe.

Jc H, Amsterdam

Een museum voor jong en oud en wat mij betreft verplicht voor iedereen. Je wordt door het museum geleid en het bijzondere zijn de verhalen van gewone mensen. Veel geleerd ondanks dat ik het nodige wel wist.

Martijn, Amsterdam

This museum across the street from the zoo and in the area where there was resistance activity is worth a visit. Anyone slightly interested in history will be captivated by the exhibits and personal notes and memorobilia.

Ashverse, South Carolina
Tripadvisor