Nazi-bestuur

Nederland werd bezet gehouden door Wehrmacht-troepen. Om de bevolking in het gareel te houden was er allereerst de Ordnungspolizei, vanwege de groene uniformen meestal Grüne Polizei genoemd. Daarnaast waren er diverse geheime Duitse politie- en opsporingsdiensten actief (Gestapo, SD, Sipo, Abwehr).

Rijkscommissaris Seyss-Inquart
Er kwam een Duits bestuur, gevormd door een groep fanatieke nationaal-socialisten. Dit stond onder leiding van rijkscommissaris Arthur Seyss-Inquart, een Oostenrijkse nazi. De Duitsers gingen met de Nederlandse overheid samenwerken.Nederland kwam niet onder militair bestuur te staan (zoals België), maar onder een 'burgerlijk bestuur'.

Als 'rijkscommissaris' was Seyss-Inquart de zetbaas van Hitler in Nederland. Hij nam zijn intrek op het landgoed Clingendael in Den Haag. Bij zijn aantreden had Seyss-Inquart verklaard dat de Nederlanders een 'Germaans broedervolk' waren, dus een soort Duitsers. Ze hoefden zich volgens hem dan ook geen zorgen te maken; het nationaal-socialisme zou de Nederlanders niet worden opgedrongen.

Aanvankelijk leek de bezetting inderdaad mee te vallen: op straat gedroegen de Duitsers zich 'correct' en in de winkels betaalden ze keurig. De Nederlandse militairen werden al in juni uit krijgsgevangenschap ontslagen, ze mochten allemaal naar huis. De Nederlanders pakten het gewone leven weer op. De bezetting werd over het algemeen ervaren als een beroerde omstandigheid, maar ook als een voldongen feit, als iets waar je als 'gewone burger' weinig tegen kon doen.

Ambtenaren
Vanaf het hoogste niveau - de secretarissen-generaal van de departementen - waren de ambtenaren op hun post gebleven, 'om ook in deze moeilijke tijden hun plicht te doen, in het belang van de bevolking'. Dit was ook de strekking van een officiële, geheime richtlijn uit 1937 (de 'Aanwijzingen').

De secretarissen-generaal werden in feite een soort ministers. Een gangbare redenering van ambtenaren op vooraanstaande posities, burgemeesters bijvoorbeeld, luidde: 'Opstappen is wel principieel, maar het betekent ook dat een NSB'er mijn plaats inneemt'.

Burgemeester in oorlogstijd
Zo'n burgemeester-in-oorlogstijd moest wel goed weten wat hij deed, hij bevond zich zogezegd op een hellend vlak. Van 'burgervader' werd hij geleidelijk tot werktuig van de nazi's, eenvoudig omdat het systeem hem geen andere keus liet. Hoe dan ook, talrijke burgemeesters die voor de oorlog waren benoemd kregen - of namen - tijdens de bezetting ontslag. Hun opvolgers waren Duitsgezinde figuren, veelal NSB'ers.

De bewust-aangebleven burgemeester J.J.G. Boot van de gemeente Wisch (in de Achterhoek) speelde een dubbelspel: ogenschijnlijk bereidwillig meewerkend, in feite tegenwerkend waar dat maar kon. In september 1944 dook hij onder. Boot kon later met recht zeggen dat hij 'erger had weten te voorkomen', vooral bij de arbeidsinzet, de gedwongen tewerkstelling van niet-joodse mannen in Duitsland.

Ook burgemeester De Bourbon van de gemeente Oss probeerde de bezetter en de NSB de voet dwars te zetten. Maar de joodse Ossenaren bleek hij niet te kunnen redden. De Bourbon koos voor het ondergrondse verzet.

Politie
De burgemeesters kregen Duitse voorschriften opgedrongen; de politie eveneens. De Nederlandse politiekorpsen moesten meewerken aan het van huis halen en wegvoeren van de joden. Agenten met gewetensbezwaren werden onder druk gezet. Weigeren kon de agent zelfs een enkele reis naar een concentratiekamp opleveren. In een aantal gevallen hebben politiemannen joodse burgers gered, door kennis over komende razzia's door te geven aan het verzet (of aan de bedreigde burgers zelf).

De Duitsers hadden overigens maar weinig vertrouwen in de 'oude' Nederlandse politie. Daarom stichtten ze in het voorjaar van 1941 een nieuwe politieschool, in Schalkhaar bij Deventer. De zogeheten Schalkhaarders kregen onderricht in het politiewerk én in het nationaal-socialisme. In februari 1942 verschenen de eerste Schalkhaarders op straat. Korte tijd later gingen eenheden van deze 'zwarte politie' de Grüne Polizei in Amsterdam en Den Haag helpen bij het ophalen van joden.

Wij hadden er geen idee van dat er zoveel bewaard is gebleven. Bijzonder indrukwekkend. We hebben hier drie uur doorgebracht, maar zijn gestopt omdat we niets meer op konden nemen. Wij komen zeker terug om de rest te bekijken.

Jaap en Hilda Oskam, Nieuwegein

Al een paar keer in het Verzetsmuseum geweest, ze hebben regelmatig wisselende activiteiten. De kinderen in de oorlog expositie is heel goed opgezet en erg indrukwekkend. Een aanrader, ook om kinderen wat geschiedenis bij te brengen.

Laura, Hoorn

De expositie lijkt niet groot, maar al met al kun je hier toch een paar uur besteden. Er is een overzichtelijke tijdlijn hoe het verzet is ontstaan, wat als een rode draad door het museum loopt

Stephanie K

Een museum voor jong en oud en wat mij betreft verplicht voor iedereen. Je wordt door het museum geleid en het bijzondere zijn de verhalen van gewone mensen. Veel geleerd ondanks dat ik het nodige wel wist.

Martijn, Amsterdam

This museum gave me an insight like I never knew what had happened. It is so much like what happened in Germany and really depicts what the Dutch went through.

Ringdais, Adelaide

This museum across the street from the zoo and in the area where there was resistance activity is worth a visit. Anyone slightly interested in history will be captivated by the exhibits and personal notes and memorobilia.

Ashverse, South Carolina

All information is in Dutch and English. Good chronological overview of the Dutch resistance during WWII. Chilling statements, informative displays, don't forget to put this museum on your to do list!

NF, Hasselt (België)
Tripadvisor