Naar Parijs - Wereldster
Amerika was een land alleen voor blanken, niet voor zwarten, dus ik vertrok. Parijs accepteerde mij vanaf de eerste avond. De stad aanbad me, maakte me gelukkig…
La Revue Nègre
In 1925 vraagt een impresario Josephine voor een show in Parijs. Ze twijfelt geen moment en vertrekt uit Amerika. Parijs bruist en voelt als een bevrijding.
Ze is een van de danseressen in La Revue Nègre in het Théâtre des Champs-Élysées. Deze musical speelt in op het exotisme: de bewondering en fascinatie voor het primitieve, stereotype beeld van de Afrikaanse cultuur.
Josephine is het hoogtepunt van de show: halfnaakt danst ze de charleston met wilde, sensuele én clowneske bewegingen. Een jaar later draagt ze bij die dans in het theater Folies Bergère een ‘bananenrokje’ dat iconisch zal worden. Het maakt Josephine – 20 jaar oud – in één klap even beroemd als berucht.
J’ai deux amours
En daar blijft het niet bij. Josephine heeft ook succes als zangeres en wordt één van de eerste zwarte filmsterren. Ze treedt op in heel Europa, krijgt een eigen lijn van beautyproducten en verkoopt duizenden ‘Josephine-poppen’.
In het lied J’ai deux amours (ik heb twee liefdes), bezingt ze haar liefde voor haar vaderland, maar vooral voor Parijs, de stad die haar heeft omarmd. Het zou haar lijflied worden.